Historie

HISTORIE VAN HET BACHKOOR HOLLAND

Blog Single

In 1921 werd door Johan Schoonderbeek de Nederlandse Bachvereniging opgericht om de uitvoering van de Matthäus Passion, en met name het koor, op een hoger plan te brengen. De Matthäus Passion in het Concertgebouw te Amsterdam, welke sinds 1899 onder leiding van Willem Mengelberg werd uitgevoerd, was qua toonzetting en uitvoering sterk geromantiseerd. Hierin werden bijvoorbeeld sommige recitatieven op operawijze gearrangeerd. Diverse dirigenten trachtten vervolgens zich dit concept eigen te maken en dit leidde tot dusdanige bombastische vertolkingen dat onder andere door een erkende Bach-kenner als Albert Schweitzer gewaarschuwd werd tegen deze praktijken. De oprichting van de Nederlandse Bachvereniging kan gezien worden als tegenreactie op deze ontwikkelingen, namelijk weg uit een concertgebouw, terug naar een kerkgebouw en het streven naar een integrale uitvoering gebaseerd op de (zo min mogelijk gearrangeerde) originele partituren van J.S.Bach. De eerste integrale uitvoering van de Matthäus Passion werd gerealiseerd door Evert Cornelis op 26 maart 1926 te Rotterdam, hetgeen waarschijnlijk een van de hoofdredenen is waarom Evert Cornelis in 1927 Johan Schoonderbeek opvolgde als dirigent van de Bachvereniging. In 1928 werd de traditie van de jaarlijkse uitvoering volledige Matthäus Passion uitvoering in een grote kerk geïnitieerd. Na het vroegtijdig overlijden van Cornelis in 1931 trad dr Anton van der Horst aan, die ruim dertig jaar als dirigent van de Bachvereniging zou optreden. Van der Horst op zijn beurt heeft Charles de Wolff aangewezen, die op 16 april 1965 zijn eerste Matthäus Passion met de Nederlandse Bachvereniging ten gehore bracht.

Subsidie eindigde in 1983!

In het begin van de jaren ‘80 van de vorige eeuw ontstond binnen de Nederlandse Bachvereniging een discussie omtrent de te volgen muzikale koers, de ene stroming uitte zich voor de inbreng van meer projectgerichte uitvoeringen van verschillende andere Bach-werken, de andere stroming bleef de traditionele authenticiteit van de Matthäus Passion als belangrijkste uitgangspunt handhaven. Deze discussie kwam in 1983 tot een hoogtepunt toen het toenmalige Ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur besloot niet langer structurele kunstsubsidies te verlenen, maar enkel nog op projectbasis te willen subsidiëren. De oorspronkelijke doelstelling van de Nederlandse Bachvereniging is altijd geweest de werken van J.S. Bach terug te brengen naar hun de authentieke akoestische omgeving, namelijk de kerk. Er werd gestreefd naar een zo natuurlijk mogelijke uitvoering, zoveel mogelijk in de orkest-, en kooropstellingen waarmee de stukken in de tijd van J.S. Bach werden uitgevoerd. Om dergelijke doelstellingen te bereiken is continuiteit in de combinatie van koor, orkest en dirigent volstrekt essentieel, en het besluit van het toenmalige Ministerie van WVC om enkel nog op projectbasis subsidieverstrekking toe te passen stond hier volledig haaks op.

Bachkoor Holland kiest zijn eigen weg

Deze ontwikkeling leidde er uiteindelijk toe dat de toenmalige dirigent Charles de Wolff gezamenlijk met enkele organisatieleden en het vrijwel voltallige koor heeft besloten een eigen weg te gaan, welke zijn gevolg heeft gekregen in de oprichting van een eigen vereniging op 10 mei 1983 (welke in 1984 op ging in de Stichting Bachkoor Holland), een gebeurtenis waarover toentertijd het NOS -journaal uitgebreid berichtte. Na diverse organisatorische en financiele uitdagingen overwonnen te hebben werden in november 1983 de eerste uitvoeringen van de Reformatieconcert door het Bachkoor Holland ten gehore gebracht. Deze uitvoeringen werden zowel nationaal als internationaal zeer goed ontvangen, zo werd de eerste Reformatieconcert uitvoering integraal uitgezonden door Radio France. In de daaropvolgende decennia heeft het Bachkoor Holland onder de directie van Charles de Wolff haar missie, het op een zo hoog mogelijk niveau ten gehore brengen van de werken van Johann Sebastian Bach, vol passie vervuld. Bij de uitvoeringen hebben in de eerste jaren afwisselend het Residentie-, en het Concertgebouw Kamerorkest het koor begeleid, tegenwoordig werkt het Bachkoor Holland alleen met het Concertgebouw Kamerorkest. Van 1998 tot 2001 was de leiding in handen van dirigent Daniel Reuss. Na diens aftreden trad Charles de Wolff tijdelijk opnieuw aan als dirigent, waarna Jan Willem de Vriend als gastdirigent een aantal concerten dirigeerde. Van 2004 tot 2010 was de artistieke leiding in handen van Roy Goodman. Rob Vermeulen was in die periode als koordirigent aan het koor verbonden en verantwoordelijk voor de samenstelling van het koor en ontwikkeling van de koorklank. De artistieke leiding is tegenwoordig in handen van Gijs Leenaars, die sinds seizoen 2009/2010 verbonden is aan Bachkoor Holland als vaste dirigent. De jaarlijkse uitvoeringen van de Matthäus Passion worden tot nu toe gegeven in de monumentale Pieterskerk te Leiden. In deze kerk kwamen ook andere grote koorwerken van Johann Sebastian-Bach, zoals het Weihnachtsoratorium en de Johannes Passion bijzonder goed tot hun recht. Het repertoire van het Bachkoor Holland omvat, naast de drie genoemde werken, de Reformatieconcert, de Missae Brevis en de Cantates. Daarnaast worden met wisselende frequentie werken uitgevoerd van andere componisten en worden op regelmatige basis een voor- en najaarsconceert georganiseerd veelal in de maanden mei en oktober van elk jaar om meer aandacht te kunnen besteden aan de individuele kwaliteiten van de solisten van zowel koor als orkest. Ook tot nu toe, en hopelijk nog ver in de toekomst, is het Bachkoor Holland succesvol in staat gebleken zonder Rijkssubsidies een bijzonder hoog uitvoeringsniveau te blijven behouden en is het koor befaamd in binnen-en buitenland. Deze verdienste is in grote mate te danken aan de niet aflatende steun en inzet van de Stichting Vrienden van het Bachkoor Holland en een groot aantal (particuliere) sponsors en trouwe donateurs.

Het Nederlands Bach Collegium

In 1993 werd de Stichting Nederlands Bach Collegium in het leven geroepen met als doel uitvoeringen te verzorgen van alle werken van Johann Sebastian Bach: koorwerken, kamermuziek, orkestwerken, orgelwerken en werken voor andere solo-instrumenten. Voor de uitvoeringen van de koorwerken wordt uitsluitend samengewerkt met het Bachkoor Holland. Ook bestuurlijk bestaan nauwe banden met het Bachkoor Holland en met het Concertgebouw Kamerorkest.